Terug
Gepubliceerd op 22/12/2025

Besluit  Gemeenteraad

wo 19/11/2025 - 20:30

Vaststelling van het belastingreglement houdende de tweede verblijven, aanslagjaren 2026 – 2031

Aanwezig: Lennart Vanquickenborne, Voorzitter gemeenteraad
Koenraad Degroote, Burgemeester
Charlotte Vandemoortele, Ives Lambrecht, Gunther Simoens, Schepenen
Bart De Keukeleire, voorzitter BCSD
Rita Delmotte, Luc Vercaemer, Tim Van Rijckeghem, Aniek Van de Velde, Joke Vandemaele, Celine Baeckelandt, Simon Vanquickenborne, Greta Chantrie, Filip Ally, Marleen Lagrange, Stijn Mannens, Stefanie Persijn, Gemeenteraadsleden
Sofie De Clerck, Algemeen directeur
Verontschuldigd: Bernard Vandaele, Gemeenteraadslid

DE GEMEENTERAAD

Gelet op de gecoördineerde Grondwet, in het bijzonder artikelen 41, 162 en 170 §4;

Gelet op het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikelen 2, 40 en 41, en latere wijzigingen;

Gelet op het Decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen, met inbegrip van alle latere wijzigingen;

Gelet op de omzendbrief van 15 februari 2019 KB/ABB 2019/2 betreffende de gemeentefiscaliteit; 

Gelet op het Besluit Vlaamse Codex Fiscaliteit;

Gelet op de beslissing van de gemeenteraad van 16 december 2020 betreffende de vaststelling van de belasting op tweede verblijven voor de aanslagjaren 2020-2025;

Gelet dat de gemeente vaststelt dat er binnen haar grondgebied een aantal tweede verblijven aanwezig is. Deze woningen worden niet als hoofdverblijf gebruikt, maar zijn wel permanent beschikbaar voor hun eigenaars. Dit impliceert dat deze eigenaars, hoewel zij niet als vaste inwoners in de gemeente staan ingeschreven en geen gemeentelijke personenbelasting betalen, toch regelmatig en substantieel gebruik maken van gemeentelijke infrastructuur en diensten zoals wegen, afvalophaling, openbare veiligheid, water- en energievoorzieningen, en openbare ruimten;

Gelet dat er hierdoor een structurele fiscale ongelijkheid bestaat tussen de permanente inwoners van de gemeente, die via de personenbelasting bijdragen aan het gemeentelijk budget, en de eigenaren van tweede verblijven, die dit niet doen. Dit verschil rechtvaardigt een specifieke gemeentelijke belasting op tweede verblijven om deze ongelijkheid gedeeltelijk te compenseren;

Gelet dat de situatie van tweede verblijven immers wezenlijk anders is. Zij vormen vaste onroerende goederen die gedurende het gehele jaar beschikbaar zijn en die een meer permanente impact hebben op het gemeentelijk patrimonium, de leefomgeving en de ruimtelijke ordening. Daarnaast zorgen zij voor een duurzame druk op gemeentelijke diensten en infrastructuur, die niet kan worden vergeleken met het incidentele bezoek van dagtoeristen. Deze langdurige en substantieel verschillende gebruiks- en impactsgraad vormt een geldige grond voor een fiscale differentiatie tussen tweede verblijven en andere categorieën belastingplichtigen;

Gelet dat het gemeentebestuur van oordeel is dat de verschillende kenmerken van tweede verblijven – zoals hun ligging in verschillende bestemmingszones en het bebouwde oppervlak – een rechtvaardiging bieden voor een gedifferentieerd tarief. Deze differentiatie is niet arbitrair, maar sluit aan bij de concrete omstandigheden binnen de gemeente, de mate van belasting op de gemeentelijke voorzieningen en de ruimtelijke impact. Hiermee wordt voldaan aan het gelijkheidsbeginsel, doordat de belastingdruk proportioneel wordt afgestemd op de specifieke situatie van elk tweede verblijf;

Gelet dat deze belasting niet alleen een rechtvaardige verdeling van de lasten beoogt, maar ook bijdraagt aan een bewust beheer van het lokaal patrimonium, met het oog op het vermijden van leegstand, het stimuleren van een kwalitatieve woonomgeving en het bevorderen van een duurzaam lokaal woonbeleid;

Gelet dat de keuze voor deze belasting ook aansluit bij het bredere lokale beleid waarbij de gemeente inzet op het optimaal gebruik van haar woon- en verblijfsaanbod. Tweede verblijven blijven immers gedurende grote delen van het jaar ongebruikt, terwijl de nood aan betaalbare, permanent bewoonde huisvesting stijgt. Door een financiële prikkel in te bouwen wil de gemeente op termijn een bewuster gebruik van het woningpatrimonium stimuleren, zonder dit bezit op zich te ontmoedigen;

Gelet dat de gemeente beschikt over een aparte gezinsbelasting, waarin alle reguliere woongelegenheden belast worden op basis van hun permanente bewoning. De belasting op tweede verblijven is daarvan duidelijk onderscheiden in doelgroep, finaliteit en tariefstructuur. Deze dubbele belasting vormt dus geen verboden cumul, maar is onderbouwd vanuit twee afzonderlijke beleidsdoelen. De financiële noodzaak van de maatregel wordt daarbij slechts als bijkomende motivering ingeroepen, niet als enige rechtvaardiging van het tariefonderscheid;

Overwegende dat op basis van bovenstaande argumentatie de gemeente deze belasting verenigbaar acht met het gelijkheids- en evenredigheidsbeginsel, zoals vereist door artikel 172 van de Grondwet en artikel 3 van het Decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, invordering en geschillenprocedure van gemeente- en provinciebelastingen;

Publieke stemming
Aanwezig: Lennart Vanquickenborne, Koenraad Degroote, Charlotte Vandemoortele, Ives Lambrecht, Gunther Simoens, Bart De Keukeleire, Rita Delmotte, Luc Vercaemer, Tim Van Rijckeghem, Aniek Van de Velde, Joke Vandemaele, Celine Baeckelandt, Simon Vanquickenborne, Greta Chantrie, Filip Ally, Marleen Lagrange, Stijn Mannens, Stefanie Persijn, Sofie De Clerck
Voorstanders: Lennart Vanquickenborne, Koenraad Degroote, Charlotte Vandemoortele, Ives Lambrecht, Gunther Simoens, Bart De Keukeleire, Rita Delmotte, Celine Baeckelandt, Stijn Mannens, Stefanie Persijn
Onthouders: Luc Vercaemer, Tim Van Rijckeghem, Aniek Van de Velde, Joke Vandemaele, Simon Vanquickenborne, Greta Chantrie, Filip Ally, Marleen Lagrange
Resultaat: Met 10 stemmen voor, 8 onthoudingen

BESLIST

Artikel 1: de gemeenteraad stelt het belastingreglement 'Tweede verblijven', definitief vast.

Artikel 2het belastingreglement is van toepassing vanaf 1 januari 2026.

Artikel 3: deze beslissing zal worden bekendgemaakt overeenkomstig de bepalingen in het decreet over het lokaal bestuur en wordt aan de toezichthoudende overheid overgemaakt.

Artikel 4: deze beslissing wordt tevens aan de projectcoördinator van IGS Woondienst Regio Tielt en tevens aan de financieel beheerder van de gemeente overgemaakt.